de tekst van het initiatief downloaden

Amsterdam, 16 april 2013


Aan de leden van de Tweede Kamer der Staten-Generaal
Postbus 20018
2500 AE Den Haag

Onderwerp: burgerinitiatief

Ondergetekenden doen u op grond van artikel 132a van het Reglement van orde van de Tweede Kamer der Staten-Generaal onderstaand burgerinitiatief toekomen.

Wij stellen u voor artikel 1 van de Wet financieel statuut van het Koninklijk Huis zodanig te veranderen dat het inkomensbestanddeel zoals genoemd in artikel 1, lid 2 in de kolom A van de uitkering aan de Koning vastgesteld wordt op € 150.000,-. Samenhangend hiermee dient dan ook de inkomenscomponent van de echtgenote van de Koning naar rato verminderd te worden.

De motivering van ons voorstel luidt als volgt.
De Koning heeft ingevolge artikel 40 van de Grondwet recht op een uitkering naar regels bij de wet te stellen.
De hoogte van het bedrag is een zaak van de wetgever, er kan dus tot verandering van het bedrag worden besloten. Het bedrag is vastgelegd in de Wet financieel statuut Koninklijk Huis. De vermelding in de jaarlijkse begroting is slechts een uitwerking van genoemde wet.

Het streven van de regering, met instemming van een ruime meerderheid van de Staten-Generaal, is om een normering aan te brengen in de salarissen in de publieke sector. Daartoe is sinds 1 januari 2013 de Wet normering topinkomens van kracht. Deze wet bepaalt de salarissen van bestuurders op maximaal 130% van een ministerssalaris: € 187.340 (€ 144.000 x 130%) . Inclusief een vaste onkostenvergoeding van € 8.069 en de pensioenbijdrage van de werkgever komt dit op € 228.599 per jaar. Uiteraard zijn al deze bedragen bruto, dus zonder aftrek van belastingen.

De Koning ontvangt voor het jaar 2013 als inkomensbestanddeel van zijn uitkering € 825.000. Dit is een netto bedrag omdat de Koning op dit punt vrijstelling van belasting geniet. Teneinde loonbedragen te kunnen vergelijken is het noodzakelijk deze op gelijke wijze uit te drukken, namelijk in brutoloon, dus inclusief het belastingaandeel daarin. Een eenvoudige berekening leert dan dat de Koning over het jaar 2013 een inkomenscomponent (salaris) ontvangt van € 1.741.283 Dat is ruim 11 maal het salaris van een minister ( € 144.000)

De Koning is ingevolge artikel 40 van de Grondwet lid van de regering.
Hij ontvangt zijn uitkering ten laste van 's lands kas.
Hij heeft een voorbeeldfunctie.

De Koning geniet behalve genoemd salaris ook nog een op miljoenen te schatten voordeel uit het feit dat de paleizen, alle personeel en alle overige bestaanskosten door het Rijk worden betaald. Hoeveel dat precies is wordt door de regering niet vrijgegeven. Voor alle overige leden van de regering, de ministers, geldt het maximum van € 144.000 aan salaris.
Naar onze mening is er geen enkele rechtvaardigingsgrond te vinden waarom de Koning een meer dan elf maal zo groot inkomen moet hebben dan een minister. Slechts het argument dat er maar één Koning is zou een beperkt verschil in beloning kunnen opleveren. Tevens is het naar onze mening gerechtvaardigd om te streven naar een beloning die meer in de totale lijn van de rijksoverheid past.

De Wet normering topinkomens geldt niet voor de functie van Koning. Maar dat betekent niet dat het maatschappelijk onbelangrijk is dat het inkomen van de Koning deze normering met een factor elf overstijgt. Als hoogste dienaar van de Staat behoort ook hij in de buurt van de normering van de topinkomens te vallen.
Om het onderscheid tussen de functie van minister-president en dat van staatshoofd ook financieel uit te drukken is het aanvaardbaar het staatshoofd een marginaal hogere uitkering te geven dan het salaris van de minister-president. Vandaar dat voorgesteld wordt om terug te gaan naar € 150.000 netto wat ongeveer overeenkomt met € 335.000 bruto.

In bedoeld artikel 1 lid 2 onder A is ook een bedrag aangegeven voor de echtgenoot of echtgenote van de Koning Het ligt in de rede om dit bedrag naar rato met het bedrag van de Koning te verlagen.

Hoogachtend

A.J.A.T. Clement

J.A.J. Johannisse

G. van Malkenhorst

G.S.M. Vonk

P. Posthumus

A.A. Moen